Nieuwsoverzicht
Blog

Hoe een kleine Keniaanse energieproducent een onwaarschijnlijke partner vond in een Nederlandse Fintech Startup

Claudia Esveldt
13 oktober 2022
5 min.
Image

De verdwijning van de Zimbabwaanse Middenklasse 

Op een zonnige dag in 1982 kwam Tapuwa Ndongwe op deze wereld. Hij werd geboren in Harare, de hoofdstad van Zimbabwe, als tweede zoon van een christelijke familie uit de middenklasse. Zijn vader werkte als spoorweg manager en zijn moeder was lerares op een basisschool. Hij herinnert zich de ‘goede oude tijd’ en zag de Zimbabwaanse economie verslechteren toen hij opgroeide. Tapuwa herinnert het zich levendig:

“We hadden een typische middenklasse levensstijl. Vroeger kreeg ik elke Kerst nieuw speelgoed. Toen ophield begon ik te vermoeden dat het slechter ging… Mijn oudere broer werkte als dieselmonteur en ik herinner me nog hoe hij opeens extra uren moest gaan maken. Eerst stuurde mijn moeder me op pad  om brood te kopen met een briefje van $2. Dat werd $3 en ging later omhoog naar $10. Tegen de tijd dat ik veertien was, schoot de inflatie omhoog. De prijzen voor een brood stegen tot 100, 200 Zimbabwaanse dollars! Later, door de geld schaarste, waren er gewoon niet genoeg bankbiljetten om rond te gaan…  

Toen Tapuwa veertien was, schoot de inflatie omhoog. De prijzen voor een brood liepen op tot 100 à 200 Zimbabwaanse dollars, en hij herinnert zich dat zijn familie vanwege het valuta tekort overging op Amerikaanse dollars. Een paar jaar later stortte de economie in. Naar schatting ontvluchtte een kwart van de de 11 miljoen Zimbabwanen het land en moest driekwart van de overgebleven Zimbabwanen rondkomen van minder dan één dollar per dag.

Tapuwa kan het zich nog goed voor de geest halen: “In die tijd begreep ik het begrip inflatie niet intellectueel, maar ik voelde het wel. Deze drastische veranderingen van levensstijl gaven me een ervaring uit de eerste hand. We weten allemaal dat het niet veel goeds was in het land, en dat zette mijn familie aan tot drastische veranderingen.” Als kind voelde hij zich al aangetrokken tot vakken als wiskunde en natuurkunde, en zijn ouders besloten hun spaargeld uit te geven om Tapuwa op een uitwisselingsprogramma naar Nederland te krijgen en later zijn A-levels (middelbare school, red) in Australië af te maken. Zes weken lang woonde hij bij een uitwisselingsgezin in Eindhoven.

“Dat was mijn eerste keer in Europa, en mijn eerste keer buiten Afrika. Het was een hele ervaring: niet een dag in de rij hoeven staan om je auto vol te tanken liet een behoorlijke indruk achter. Het was mijn eerste kennismaking met hoe systemen zouden moeten zijn en hoe ze zouden moeten werken.” Zegt Tapuwa met een gevoel van melancholie in zijn stem.

Van Australië naar Kenia 

In het jaar 2000 ging Tapuwa naar Australië. Hij zette zijn studie voort en vond een baan om in zijn levensonderhoud te voorzien. Zes maanden na zijn verblijf in Australië voegde zijn broer zich bij hem. Er was veel vraag naar dieselmonteurs in Australië en zijn broer zou Tapuwa kunnen sponsoren terwijl hij zijn opleiding afmaakte. Het lot besloot anders. Binnen korte tijd werden de broers partners in het ondernemerschap. Ze begonnen kapotte auto’s op te kopen, te repareren en te verkopen. Tapuwa hielp zijn broer, en leerde het vak van plaatwerker. De zaken gingen goed en al snel kregen de broers Ndongwe de kans om naar Nieuw-Zeeland te verhuizen om daar hun ambities na te streven. De kansen waren er groter, vooral in de auto-industrie. Aldus geschiedde: Tapuwa zette zijn school op een laag pitje en verhuisde met zijn broer naar Nieuw-Zeeland. 

De jaren in Nieuw-Zeeland hebben Tapuwa gevormd. “Mijn broer en ik begonnen een wagenparkbeheer bedrijf, en ik had talloze parttime baantjes om rond te komen. Van callcenters tot schoonmaakbedrijven en telemarketing. Ik was niet erg gelukkig met mijn situatie, maar het gaf me onschatbare inzichten in het runnen van een bedrijf.” Terugkijkend beschouwt Tapuwa cold calling als zijn moeilijkste baan, maar ook de grootste bijdrage aan zijn zelfvertrouwen, en datgene dat hem geleerd heeft om te groeien als ondernemer.

Voor Tapuwa veranderde het leven ten goede toen hij Frida Njogu ontmoette. Frida was een Keniaanse arts die een Msc in Public Health volgde aan de Universiteit van Auckland. Rond diezelfde tijd kreeg Tapuwa een permanente verblijfsvergunning voor Nieuw Zeeland. Hij besloot terug te gaan naar de universiteit om een studie Business Finance te volgen. Kort daarna werden Frida en Tapuwa verliefd op elkaar. Toen het stel afstudeerde waren ze verloofd en besloten ze naar Kenia te gaan om te trouwen.

In Nairobi zag hij Afrika in een nieuw licht. “Mijn eerste keer in Kenia was slechts een maand voor de bruiloft. Ons oorspronkelijke plan was om te trouwen en dan terug te gaan naar Australië of Nieuw-Zeeland. Maar opnieuw diende mijn broer als inspiratie door ons te wijzen op de mogelijkheden in Kenia.” Al snel veranderde Kenia in een land van mogelijkheden. Waar anderen verspilling en inefficiënte systemen zagen, zag Tapuwa ruimte voor verbetering. Een van de dingen die opvielen was energie. In Nieuw-Zeeland ervoer hij gevestigde en goed functionerende energiesystemen. In Kenia echter waren de nutsbedrijven duur, efficiënt en onbetrouwbaar. Kortom: een markt die klaar was voor disruptie…

Van Afval naar Energie

Tapuwa ging aan de slag als Operations Manager bij een transportbedrijf gespecialiseerd in het vervoer van fossiele brandstoffen. Voor Tapuwa, die een hart heeft voor duurzaamheid, was het een middel om een doel te bereiken: ”Het gaf me inzicht in hoe zaken in Kenia werken, wat de nuances zijn, en het bood een lanceerplatform voordat ik de dromen van mijn eigen bedrijf kon nastreven.” 

Die dromen kwamen in een stroomversnelling toen Tapuwa Andrew Amadi ontmoette. Andrew is chemisch ingenieur en heeft de afgelopen 25 jaar voor verschillende energiebedrijven gewerkt, waarvan de laatste tien jaar als specialist in biobrandstoffen. Tapuwa ontdekte dat ze allebei aan dezelfde dingen werkten en dat ze dezelfde droom hadden: afvalstromen omzetten in energie. Kort daarna besloten Andrew en Tapuwa samen te gaan werken. Kort daarna hun bedrijf Wecol Ltd het levenslicht.

Het bedrijfsmodel van Wecol was om grondstoffen van stortplaatsen en afvalplaatsen te ‘ontginnen’ en om te zetten in energie. Aanvankelijk richtten zij zich op Dandora, de grootste stortplaats van Nairobi, om er samen te werken met gemarginaliseerde gemeenschappen en jeugdgroepen. Dandora ligt vol met oude autobanden en plastic, en de technologie waarop zij zich richtten zou beide grondstoffen kunnen verwerken, waardoor een tweesnijdend mes zou ontstaan dat afval zou omzetten in energie, terwijl het werkgelegenheid en een alternatief voor fossiele brandstoffen zou bieden! Een landelijk verbod op wegwerp plastic (hoe goed voor het milieu ook) saboteerde echter de levensvatbaarheid van hun plannen op lange termijn en dwong Tapuwa en Andrew terug naar de tekentafel.

De overgang verliep relatief soepel, en in 2018 produceerde Wecol ongeveer vijftien ton Bagasse briketten per dag. Door samen te werken met suikerfabrikanten kreeg Wecol toegang tot een grote voorraad Bagasse, maar Tapuwa en Andrew wisten op dat moment al dat dit op lange termijn niet zou werken. Het was geen vernieuwend idee, andere partijen deden het ook, en hun productie overtrof de snelheid waarmee ze bagasse-afval konden inkopen. Andrew en Tapuwa begonnen te rekenen en beseften al snel dat hun hele bagasse overschot binnen zeven jaar weggewerkt zou zijn… Wat zouden ze doen in jaar acht?

De oplossing

Andrew en Tapuwa kwamen tot de conclusie dat bagasse niet circulair is, en dat energie, om op lange termijn te slagen, circulair moet zijn. Ze verlegden hun onderzoek naar andere oplossingen, en zo kwam Olifantsgras in beeld. Het heeft alle kenmerken van een succesvol energiegewas. Het houdt 20% van de CO2 die het opneemt vast in zijn wortels, voorkomt bodemerosie, verbetert de biodiversiteit en kan worden geplant op arme, braakliggende grond. Het enige nadeel? Voor het project was maar liefst 18 miljoen Keniaanse Shilling (ruim 150.000 euro) nodig. En dat? Dat hadden ze niet.

In Rotterdam, 6650 km ten noorden van Nairobi, werkten Nick en Tamar van Heesewijk (neef en nicht) de klok rond om nieuwe projecten te vinden voor hun duurzame crowdfundingplatform Corekees.Ze struinden de wereld af en onderzochten projecten van Surinametot Indonesië en Portugal. Het bleek moeilijk om daadwerkelijk duurzame projecten met levensvatbaar zakelijk potentieel te vinden. Voor Nick en Tamar was het als zoeken naar een speld in een hooiberg… Ze hadden al meerdere keren de stekker uit mogelijke samenwerking getrokken toen een wederzijdse kennis hen voorstelde aan Tapuwa. Na een paar gesprekken klikte het tussen de drie ondernemers. De plannen van WeCol waren veelbelovend en levensvatbaar. Bovendien waren ze verbonden door hun gedeelde doelstellingen van een duurzame toekomst en hun intrinsieke drive om ondernemerschap in te zetten als een middel om impact te creëren.



Na maanden van overleg, due diligence, zoom meetings, site visits, het opstellen van financiële modellen en het doornemen van juridische implicaties van hun joint venture, heeft Corekees vorige maand zijn Crowdfunding campagne voor Project Olifantsgras gelanceerd! Het doel was om €153.985 in te zamelen en deze lang gekoesterde droom te verwezenlijken… Binnen 36 uur werd dit bedrag gefinancierd door particuliere investeerders.

Nu zullen Wecol en Corekees 12 hectare braakliggende grond aanhuren in de Isinya regio van Zuid-Kenia en er meer dan 241.000 struiken Olifantsgras  planten! Dit energiegewas wordt al op grote schaal gebruikt in de Verenigde Staten , Thailand en Oostenrijk, maar voor Kenia zullen zij de eerste zijn. De doelstellingen van Corekees zijn simpel: jaarlijks 6139 ton CO2 uitstoot besparen en investeerders een verwacht rendement van 8,5% per jaar bieden. Wanneer Tapuwa wordt gevraagd naar zijn doelstellingen voor dit project, glimlacht hij en zegt: “Onze missie is om duurzame, betrouwbare en betaalbare energie te leveren aan Afrika en daarbuiten met behulp van lokaal beschikbare bronnen. 

Die missie? Die is pas net begonnen.

Deel deze post